Archive for November, 2012

Een toekomst voor regulier deeltijd-hbo

Written by Erwin van Rooijen. Posted in Blogs

Na jaren van relatieve stilte is in het laatste halfjaar veel gezegd over de positie van het reguliere deeltijdonderwijs aan hogescholen. In de afgelopen jaren had het scholen van werkende volwassenen – onder de noemer van een ‘Leven Lang Leren’ – een prominente plaats in de strategische notities van zowel de instellingen voor regulier hoger onderwijs als van het ministerie. Desondanks scoorde Nederland op dit punt slecht in internationale vergelijkingen. Hoewel vanuit het ministerie herhaalde pogingen zijn gedaan om dit punt op de agenda te houden, was bij de meeste instellingen weinig activiteit te bespeuren. De instroom in de reguliere deeltijdopleidingen daalde gestaag; steeds meer opleidingen werden beëindigd.

Begin 2012 heeft de NRTO (de brancheorganisatie voor particuliere trainings- en opleidingsbureaus) een convenant gesloten met de staatssecretaris van OC&W. Hoofdzaak daarin is de ontwikkeling van Leven Lang Leren en deeltijdonderwijs. Met het sluiten van dit convenant is de NRTO een belangrijke partij voor het ministerie geworden. Ze belooft voortgang op een terrein waar het regulier onderwijs zich minder sterk heeft ontwikkeld: het (in deeltijd) opleiden van volwassenen.

Het regulier onderwijs reageerde bij monde van de hbo-raad met een fel pamflet. Dat ging vooral in op de bekostigingskwestie, inhoudelijk bleef de reactie beperkt tot een sneer over de kwaliteit van het particuliere onderwijs. Het bood geen visie van het regulier hbo op haar rol als aanbieder van deeltijdonderwijs.

In het meest recente nummer van het tijdschrift ‘Expertise’ stellen Erwin van Rooijen (Tien organisatieadvies) en Martin Wiersma (Expertisecentrum Hoger Onderwijs) dat er voldoende kansen zijn voor hogescholen om zich sterk te positioneren op de markt van het deeltijdonderwijs. Met enige inspanning en vooral meer focus op deeltijdopleidingen is de aantrekkelijkheid te vergroten en beter zichtbaar te maken. Daarbij gaat het om sterke punten die kenmerkend zijn voor juist de hogescholen, die wellicht minder gemakkelijk te realiseren zijn door commerciële aanbieders.

Wat is uw mening? Is het regulier deeltijdonderwijs aan het eind van haar ‘life-cycle’? Of is dit het moment voor een revitalisering? Wat zou uw opleiding/hogeschool dan willen doen? Uw reacties en vragen zijn welkom. Vanuit onze gedeelde belangstelling en betrokkenheid bij dit vraagstuk gaan we graag het gesprek met u aan!

Het artikel is te vinden via de volgende links:
https://docs.google.com/file/d/0Bybg5dcvBCRrSFFVRnR3QlJOR28/edit
http://www.expho.nl/Dossier-profilering.php

Erwin van Rooijen

Zullen we weer gewoon gaan doen?

Written by Peter de Leeuwerk. Posted in Blogs

Onderzoek wijst uit: mensen en organisaties zijn na de zomervakantie collectief gestopt met ademhalen. Het spook van de crisis heeft kennelijk keihard ‘freeze!’ geroepen, want niemand beweegt, niemand neemt actie (anders dan wat hak- en breekwerk) en niemand durft te denken aan de dag van morgen, laat staan van overmorgen. En daarmee is de crisis een nog harder feit geworden dan hij al was. Daar waar zich de lichtpuntjes aandienden, hebben we ze eigenhandig gedoofd. Zo was op dag één vrijwel iedereen verguld met de voortvarendheid en hervormingsgezindheid van het nieuwe kabinet, maar wisten we vanaf dag twee de euforie al te doen omslaan in gejeremieer over slechts één aspect uit het akkoord. Weg euforie, weg energie. Ook de vreugde over de herverkiezing van Obama werd al meteen gesmoord door hem vleugellam te verklaren. Waarom zijn we met zijn allen zo krampachtig bezig het slechte nieuws uit te vergroten? We hebben toch geen enkel belang bij de verlamming die het teweeg brengt?

Op de dag van de presentatie van het regeerakkoord zag ook een ander belangwekkend rapport het levenslicht: NL 2030, contouren van een nieuw Nederlands Verdienmodel, uitgebracht door Boston Consulting Group http://www.bcg.nl/documents/file120331.pdf. Boston Consulting betoogt dat de wereldeconomie, op welk speelveld de internationaal concurrerende bedrijfstakken – de trekkers van onze welvaart – opereren, in een steeds hoger tempo verandert. Maar daar blijft de analyse gelukkig niet bij. Er wordt ook het begin van een antwoord gegeven op de vraag hoe wij onze welvaartspositie kunnen behouden: het vergroten van ons aanpassingsvermogen: door ontwikkelen en benutten van ons vernieuwingstalent (identificeren van concurrentievoordelen) en door het vergroten van ons maatschappelijk aanpassingsvermogen (voorwaarden creëren waaronder deze kunnen worden benut). Overheden moeten flexibiliseren (w.o. de arbeidsmarkt) en investeren (onderwijs en innovatie). Ondernemingen moeten inspelen op de enorme toename van de technologische vernieuwing, de sterke versplintering van de behoeften van de klanten en een snel platter wordende wereld.

En zo is het. Ik zie de successen van ondernemers die dit hebben begrepen dagelijks om mij heen. Een  paar voorbeelden: een bouwer van verpakkingsmachines voor wie letterlijk en figuurlijk een wereld open ging toen men had besloten zich in ontwikkeling en verkoop alleen nog maar te gaan richten op één schakel van het productieproces van één soort product. Een traditionele leverancier van kantoormeubelen (is er een slechtere markt denkbaar?) die, omdat hij tijdig wist in te spelen op de opkomst van internet, dit jaar zijn hoogste omzet ooit scoort. Een onderneming geworteld in de Nederlandse primaire sector die het aandurfde tijdig te investeren in opkomende markten buiten Europa en daaraan nu haar jaarlijkse groei dankt. En zelfs in de professionele dienstverlening zijn mooie voorbeelden van succes onder slechte marktomstandigheden te vinden, bijv.  omdat zij schaarse, gespecialiseerde expertise aan zich weten te binden.

En er is trouwens nog iets dat deze ondernemers tijdig hebben begrepen: Cash is King. Want als de omzet groeit, maar tegelijkertijd de klanten later betalen, de marges onder druk staan,  leveranciers boter bij de vis willen en de banken hun kredietverlening ‘zo maar’ beperken, komt het aan op het cash management van de onderneming. Ook dat is in dit tijdsgewricht een cruciaal concurrentievoordeel.

Zullen we weer gewoon gaan doen? Want op 1 januari start weer gewoon een nieuw jaar. Een nieuw jaar met nieuwe keuzes: blijft het ploeteren om te overleven of wordt het investeren in succes? Het is een dooddoener, ik weet het, maar daarom niet minder waar: never waste a good crisis! Alleen overleven is niet genoeg. Want als de crisis straks voorbij is, ziet onze wereld er echt heel anders uit.

Peter de Leeuwerk

Ingrediënten van over de hele wereld…

Written by Roeland Buijsse. Posted in Blogs

Op het station zag ik onlangs een reclamebord van een bekend chocolademerk. Erg lekker. Een grote tekst met de naam van de producent en vervolgens de onderkop: ‘met ingrediënten van over de hele wereld.’ Nu zullen de makers hiermee ongetwijfeld een bepaalde hoogwaardige duiding willen geven aan het product door dit op het reclamebord te zetten, maar op mij had het een tegengesteld effect. Ingrediënten van over de hele wereld? Nou, lekker duurzaam. Dit is toch volkomen uit de tijd? Kijk naar de Nederlandse toprestaurants, kijk naar lokale voedingsinitiatieven. Meer en meer halen producenten hun ingrediënten zo veel mogelijk van dichtbij. Het verkleinen van de afstand tussen producent en consument waar dat mogelijk is. Het ‘niet alles van ver is goed principe’.

Juist tegenwoordig merk ik dat duurzaamheid geen zogenaamd geitenwollen sokken begrip meer is, maar business waar goed geld verdiend wordt, innovatie plaatsvindt en maatschappelijk toegevoegde waarde wordt geleverd.

Ik ben zelf beroepsmatig actief in het groen onderwijs. Waar dit voorheen echt agrarisch onderwijs was, durf ik de uitspraak wel aan dat er tegenwoordig als nergens anders geïnnoveerd wordt met modern groen onderwijs met veel aandacht voor de koppeling van duurzaamheid en business. Het gaat hier om initiatieven op het gebied van de biobased economy, het verkorten van voedselproductieketens, het bedenken van manieren om voedselverspilling tegen te gaan en het samenwerken met lokale, vaak nog kleinschalige commerciële initiatieven om de groot gegroeide afstand tussen stad en platteland te verkleinen, zie ik daar terug.

De reclameslogan van dit chocolademerk vind ik gewoon gedateerd. Nu begrijp ik ook wel dat het basisingrediënt voor chocolade niet om de hoek gemaakt wordt, maar houd het daar dan bij.

Roeland Buijsse