Archive for June, 2013

Weg met de ‘prikkelgestuurde’ laag

Written by Peter de Leeuwerk. Posted in Blogs

Als econoom heb ik geleerd dat het menselijk gedrag wordt bepaald door het streven naar maximale  behoeftebevrediging. En dat dientengevolge zijn gedrag wordt gestuurd door de prikkels die hem dichter bij dit doel brengen. Deze basisgedachte ligt, meestal onuitgesproken, onder tal van politiek-bestuurlijke opvattingen, zeker op dit moment. Bonussen van bankiers moeten worden gemaximeerd om hen te prikkelen om minder risico’s te nemen. De hypotheekverstrekking wordt aan banden gelegd om huizenbezitters te prikkelen om zich niet te overeten aan hoge schulden. De WW-duur moet worden beperkt en uitkeringen moeten omlaag, omdat mensen dan sneller op zoek zouden gaan naar werk. De verstrekking van langdurige zorg gaat naar verzekeraars en gemeenten, omdat zij patiënten en hun verzorgers prikkelen een beroep te laten doen op zelfredzaamheid.

Ik constateer dat ik door deze schier eindeloze redeneringen steeds vaker geprikkeld raak. Zo ook op dit moment, de beraadslagingen in de Tweede Kamer over de langdurige zorg op enige afstand volgend. Onderdeel van het debat vormt de vraag waar ‘de knip’ moet te liggen tussen welke partij welke taak heeft in het verlenen van zorg. Twee zaken stuiten mij daarbij tegen de borst. In de eerste plaats het feit dat het vooral gaat om bekostiging – en de verdeling daarvan – en niet over de patiënt zelf. In de tweede plaats de onderliggende opvatting dat de partij die zorg verleent onvoldoende prikkels zou hebben om de kosten van de zorg binnen de perken te houden. Ik vraag mij dan tegelijkertijd af waarom ik geen enkele moeite heb met het inperken van bankiersbeloningen en salarissen van bestuurders van publieke organisaties; daar gaat het immers ook om prikkels en menselijk gedrag.

Waarom dan toch dit verschil in beleving? Welk mens besluit om bij een bank te gaan werken en welk mens besluit om de zorg of het onderwijs in te gaan? Een verschil schuilt in de vraag voor wie je het eigenlijk doet. Mogelijk wordt het als stigmatiserend beoordeeld, maar toch ben ik er van overtuigd dat een autoverkoper zijn klant niet snel zal adviseren een ov-kaart te nemen in plaats van een auto. Terwijl ik wel verwacht dat een wijkverpleegkundige er veel aan zal doen de patiënt te begeleiden naar een zo groot mogelijke onafhankelijkheid van professionele zorg. Waarom ik dat denk? Niet alleen omdat ik dat gewoon waarneem, maar vooral omdat de betrokkenheid van de zorgprofessional bij het welbevinden van zijn patiënt vele malen groter is dan van een autodealer bij zijn klant en dat van een leerkracht bij zijn leerling vele malen groter is dan van een bankier bij de vermogensontwikkeling van zijn cliënt. Daarom moeten we in de zorg en het onderwijs maar eens ophouden met denken in prikkels en er vooral voor zorgen dat deze professionals kunnen doen waarvoor zij hebben gekozen en wij hen hebben opgeleid.

Misschien verklaart deze analyse ook wel waar en waarom het in de zorg en het onderwijs mis gaat:  deze organisaties worden bestuurd door mensen met een afwijkend prikkelpatroon, waarbij niet de zorg voor de patiënt of leerling, maar zaken als carrière, status en inkomen centraal  komen te staan. Daarmee worden de professionals in een spagaat gebracht tussen patiëntbelang en vermeend organisatiebelang. Het is dus zaak het aantal bestuurders en managementlagen tot een minimum te beperken en te zorgen voor meer dan voldoende tegenwicht. En selecteer hen niet alleen op bestuurlijke kwaliteiten. Maar zorg ervoor dat zij hun territoriumdrift voorbij zijn en hun talenten volledig inzetten voor het belang van hen die aan hun zorg zijn toevertrouwd. Die talenten bestaan. Echt.

Peter de Leeuwerk